vioolstrijkstok
Per Benjamin Torjuul

*1922 , Mirecourt †1989 , Nancy

Roger François Lotte was de zoon van François Lotte en Marguerite Ouchard. François was strijkstokkenmaker en zijn moeder was de dochter van Emile Ouchard die ook strijkstokkenmaker was. Zowel zijn vader als zijn beide grootvaders behoorden tot een kleine groep van vooraanstaande families in Mirecourt. Roger werd er in 1922 geboren. Mirecourt was en stadje in het Noordoosten van Frankrijk waar al sinds de achttiende eeuw de meeste goede strijkstokkenmakers en vioolbouwers vandaan kwamen of geboren werden. Temidden van die traditie groeide hij op.
Het atelier van zijn vader, waar Roger als leerling in 1936 begon, had een succesvolle periode achter de rug. Vijf jaar eerder werkten er nog elf werknemers. Dat waren strijkstokkenmakers waaronder Marcel Charles Lapierre, die weliswaar niet tot de allergrootsten behoorde, maar onder leiding van François Lotte wel goede strijkstokken had gemaakt en uitstekende makers als Albert Thomassin, René Bernard en Henri Piroué.
Dat succes had François Lotte echter niet lang vol kunnen houden, daarvoor was de concurrentie in Mirecourt te groot. Verdeeld over eenmansbedrijfjes en de grote ateliers hadden er in 1926 nog zo’n 600 vioolbouwers en strijkstokkenmakers in Mirecourt gewerkt, maar dat zou teruglopen tot nog maar 100 betaalde werknemers in 1954. Ook François en zijn zoon Roger ontkwamen niet aan inkrimping; in 1936 werkten er nog maar vier strijkstokkenmakers bij François Lotte, waaronder zijn zoon Roger.
Na zijn leertijd begon hij in 1940 zijn loopbaan met het maken van strijkstokken in de stijl van zijn vader. Hij was erg productief en werkte nauwkeurig. Inmiddels was de tweede wereldoorlog aangebroken en ging de aandacht minder uit naar muziek en instrumenten. Alleen de beste vioolbouwers en strijkstokkenmakers konden zich handhaven. Doordat veel mannen het leger in moesten en de oorlog niet overleefden, verdween bovendien veel kennis. Ook die van strijkstokkenmakers. Roger moest korte tijd in dienst maar bleef ongedeerd. Ondanks de oorlog bleef Lotte goede strijkstokken maken. Ook direct daarna, waarin niet alleen kennis maar ook materiaal nog enige tijd schaars waren, lukte hen dat. Kenners zien in die periode strijkstokken waar vader en zoon beide aan gewerkt hebben.
Rond 1960 kreeg Roger de leiding van het atelier. François, die 69 was geworden, stopte weliswaar niet helemaal met zijn werk maar deed het rustig aan. Tot aan zijn dood was hij nog iedere dag te vinden in het atelier. René Bernard, die al sinds 1936 assistent van François was geweest, bleef Rogers enige vaste medewerker. Tien jaar later stierf François, waarna Roger het atelier voortzette.
Veel ateliers hadden al wegen gezocht om nieuwe markten te verkennen. Vaak vonden ze die in de export, met name naar Engeland en Amerika. Anderen zochten het in het fabrieksmatig vervaardigen van strijkstokken. Dat ging niet zelden ten koste van kwaliteit. Roger bleef zich richten op de Franse markt en handhaafde grotendeels de traditionele manier van werken. Hij maakte niet alleen strijkstokken voor zijn eigen klanten, maar ook voor de zeer gerenommeerde ateliers als die van Bernard Millant, Roger & Max Millant, Etienne Vatelot en Hilaire & Apparut.
Ondanks het bescheiden atelier was de productie aanzienlijk. Dat is toe te schrijven aan het feit dat Roger zelf met een grote snelheid werkte. Opmerkelijk is dat de kwaliteit desondanks buitengewoon groot was. Wel veranderde dat in de loop van de jaren enigszins. Hij nam Richard Gerôme en Leon Jeandel aan om het grovere werk voor hem te doen en later R. Bernard die met hem samen ging werken. Tegen het eind van zijn leven wordt zijn werk geleidelijk wat forser en minder verfijnd. In 1989 stierf Roger Lotte in het harnas. Voor zijn atelier was geen opvolger.
In de Franse traditie van strijkstokkenmakers was het gebruikelijk dat leerlingen eerst enkele jaren het model van hun leermeesters maakten. Daarna ontwikkelden zij geleidelijk hun eigen stijl. Ook Roger maakte strijkstokken naar die van zijn vader, maar bleef dat nog lang doen. Dat waren uitstekende, elegante strijkstokken die iets weg had van het model van Charles Nicolas Bazin, bij wie zijn vader vroeger gewerkt had en strijkstokken waarin invloeden terug te vinden zijn van zijn grootvader Emile Ouchard. Pas nadat hij rond 1960 het atelier van François overgedragen kreeg veranderde hij iets aan het model.
Tussen 1965 en 1970 maakte hij schitterende strijkstokken gemonteerd met goud en schildpad. Tot 1960 gebruikte hij de stempel van zijn vader, daarna stempelde hij met ‘Roger-François Lotte’. Ook gebruikte hij wel de brandstempel met alleen ‘Roger Lotte’.
Zijn werk bleef het grootste deel van zijn leven verfijnd. Pas in de laatste jaren van zijn leven maakte hij zijn strijkstokken iets forser en ‘moderner’.
Roger Lotte gebruikte roodbruin pernambuco hout voor zijn overwegend ronde strijkstokken. De strijkstokken van Roger en François zijn iets langer dan gebruikelijk.
Veel invloed heeft Roger Lotte niet gehad, navolgers evenmin. Daarvoor waren de hoogtijdagen van Mirecourt al te lang voorbij. Over het geheel genomen wordt zijn werk door kenners zéér gewaardeerd. Maar het zijn met name de strijkstokken die hij tussen 1960 en 1975 maakte, die wat verfijning en nauwkeurigheid betreft, behoren tot zijn beste werk.
Millant B., Raffin J.F., (2000) l`Archet: les archetiers Français 1750-1950. Paris.
Vatelot E. (1976), Les Archets Français. Nancy.Henley W., 1959
Universal Dictionary of Violin and Bow Makers. Amati Publications. London.
Jacquot A., 1912, La Lutherie Lorraine et Française, Paris.
Tarisio; the Cozio archives, geraadpleegd in 2019.
Geneanet, geraadpleegd in 2019.
Archives Nationales de France, geraadpleegd in 2019.