Doorgaan naar content

Tijd voor een
nieuwe toon:
Pieter de Koe
levert Cuypers-
cello in

De instrumenten uit de collectie van Het Muziekinstrumentenfonds kennen vaak de bevlogenheid van vele musici, want zij komen en gaan – altijd op zoek naar de klank die het beste bij hen past. Samen groeien zij met hun instrument, soms zelfs letterlijk, want de jaren vliegen voorbij. Zo ontstaat er een hechte band. Toch kunnen zij op een gegeven moment toe zijn aan een volgende stap. Zo ook cellist Pieter de Koe, die jarenlang een 18e-eeuwse Cuypers uit onze collectie heeft bespeeld.

Nieuws
30 mei 2025 door Indy de Vries

Hoewel Pieter deze cello nog steeds een warm hart toedraagt, voelde hij dat het tijd werd om het instrument over te dragen aan een nieuwe speler. Zelf vervolgt hij zijn muzikale pad met een Rombouts – zijn zogenoemde 'piratencello'. In dit korte interview leest u waarom.

Kun je terugblikken op je eerste ontmoeting met het fonds?

'Dat is echt al héél lang geleden. Ik was twaalf, speelde nog op een 3/4-cello, en kwam voor het eerst bij Het Muziekinstrumentenfonds over de vloer. Wat ik me daar nog van herinner, is vooral hoe warm en welkom alles voelde. Die gastvrijheid – en de bereidheid om mee te denken – is eigenlijk altijd gebleven. Al vanaf het eerste moment had ik het gevoel dat Het Muziekinstrumentenfonds echt naast me stond.'

Hoe hebben de instrumenten die je in bruikleen hebt gehad je muzikale ontwikkeling en smaak beïnvloed?

'Er zijn heel wat instrumenten en stokken voorbijgekomen. Mijn eerste Jorio 3/4-cello klonk al zó bijzonder – dat maakte diepe indruk op me als jonge speler. Later volgden onder andere de Marino Capicchioni en uiteindelijk de Cuypers-cello, die lange tijd mijn muzikale thuis is geweest.

De stap van de Capicchioni naar de Cuypers was groot. Het kostte wat tijd om hem wendbaar en flexibel te maken, maar toen het klikte, ontstond er een enorme liefde voor zijn klank. Die helderheid en briljantie – die vind ik zelden ergens anders. En ook bijzonder: hij komt uit Den Haag, mijn woonplaats. Zo werd ik ineens ambassadeur van een stuk Nederlandse vioolbouwgeschiedenis die me sowieso erg aanspreekt.'

Een 3/4-cello, gebouwd door Vincenzo Jorio in Napels.

Een cello, gebouwd door Marino Capicchioni in Rimini 1944.

Waarom was je op zoek naar een nieuw instrument en hoe heb je dat gevonden?

'Toch begon ik na verloop van tijd te verlangen naar een instrument met iets meer ruimte en verdieping in de klank. Die zoektocht leidde me uiteindelijk naar de Pieter Rombouts-cello uit 1710 – een ongelooflijk instrument.

Ik noem hem weleens een ‘piratencello’. Hij is allesbehalve symmetrisch, heeft een bolle bouw en een achterblad dat zo een schilderij op zich zou kunnen zijn. De cello draagt duidelijk zijn geschiedenis met zich mee, en zijn klank rónkt. Er zit iets rauws, iets levends in, waar ik elke dag opnieuw van geniet. Bovendien is hij iets kleiner gesneden, wat hem voor mij heel wendbaar maakt.

Het was altijd een droom om een instrument uit de Nederlandse school te bezitten – en dat ik dat nu mag doen, met zo’n karaktervol exemplaar, voelt als een enorm voorrecht.'

Ga je de Cuypers-cello missen?

'Zeker. Die heldere, trotse toon – dat is toch een beetje een stem die met je meegroeit. De Cuypers heeft me door een belangrijke periode in mijn muzikale leven gedragen. Maar tegelijkertijd voelt het goed dat er weer een nieuwe speler verliefd kan worden op dat instrument. Zo hoort het ook.'

Pieter speelde op ons Presentatiefestival in Driebergen.

Pieter met de Cuypers-cello. Fotografie door Nina Schollaardt

Wat is je leukste herinnering aan een evenement van het fonds?

'Oei, lastig kiezen. Twee dingen schieten me meteen te binnen:

– De promo-video voor Natuurmonumenten in 2017. Rennen door bossen en over landgoederen met m’n cello, op kasteel Hackfort. Ik zocht de trailer laatst weer even op bij het beantwoorden van deze vragen – meer dan 200.000 keer bekeken, haha.

– Het Cuypers-project in de Beurs van Berlage, waar alle Cuypers-cello’s van Het Muziekinstrumentenfonds bij elkaar kwamen. Zo bijzonder om die instrumenten naast elkaar te horen en zelf even op allemaal te spelen. Dat was echt een feest.'

Heb je al spannende projecten in het vooruitzicht met je nieuwe instrument?

'Ja! Mijn nieuwe solo-cd is net opgenomen, met werken van Debussy en Britten. Voor de Debussy gebruikten we een vleugel uit 1865, en samen met de Rombouts ontstond er een klankwereld die me blijft verbazen. Deze opname is ook onderdeel van het Leporello-project dat ik doe: een serie fysieke kunstuitgaven waarin muziek, beeld en ambacht samenkomen. Zeker de moeite waard om in te duiken als je de Rombouts wilt horen.

Daarnaast heeft de Rombouts zijn weg gevonden in mijn strijkkwartet, het Animato Kwartet. We hebben net onze debuut-cd opgenomen, en in november volgend jaar is hij daarop te horen. Het is een heel fijne match – ook in kamermuzieksetting voelt het instrument als een soort muzikaal anker.'

Wat is je advies aan musici die op zoek zijn naar een eigen instrument?

'Als je echt verliefd wordt op een instrument – ga ervoor. Maar wees ook eerlijk naar jezelf. Wat zoek je als speler? De Rombouts is bijvoorbeeld een uitgesproken karakter – geweldig voor mij, maar misschien wil iemand anders liever iets egalers of stabielers. En vergeet niet: de zoektocht is ook een deel van het plezier – en het perfecte instrument bestaat niet.'

Voldaan verdergaan

Wij zijn Pieter dankbaar voor zijn betrokkenheid bij het fonds tijdens zijn bruikleenjaren. We wensen hem veel nieuwe inspiratie en ontwikkeling toe en hopen dat de Rombouts nóg beter bij hem zal passen dan de Cuypers. Die cello zal hopelijk snel een nieuw talent blij maken. Wij houden u op de hoogte.