Ik ben barokcellist en viola da gamba-speler. Ik kan me mijn leven zonder geen van beide niet voorstellen, dus speel ik ze allebei.
Symfonieorkesten hebben me nooit kunnen bekoren, maar ik heb altijd de voorkeur gegeven aan kamermuziek, waar – naar mijn mening – de cello meer tot zijn recht komt. Dit, en mijn liefde voor de klank van darmsnaren, hebben de doorslag gegeven om de weg van de historisch geïnformeerde uitvoeringspraktijk in te slaan. Ik studeerde barokcello eerst in Berlijn (2005-2007) en daarna in Den Haag (2008-2011), en viola da gamba in Wrocław (2006-2010) en Den Haag (als bijvak).
Ik had het geluk geselecteerd te worden voor tal van geweldige stageprogramma’s en samen te werken met orkesten als Arte dei Suonatori, Concerto Copenhagen, Opera2Day, Collegium Musicum Den Haag (nu New Collegium) en het Barokorkest van Wrocław. Met sommige daarvan heb ik ook opnames gemaakt. Enkele voorbeelden hiervan zijn „De Seizoenen“ van J. Haydn (SIGCD480) met het Wroclaw Baroque Orchestra en het Gabrieli Consort & Players, en een dvd van „De Vier Seizoenen“ van A. Vivaldi met Arte dei Suonatori en Kati Debretzeni. Ik heb samengewerkt met kamermuziekensembles zoals Concordi Musici (we stonden onder andere in de finale van de wedstrijd van de Händel-Festspiele in Göttingen) en het Reicha Ensemble (optredens in Tsjechië en tijdens een Fringe-concert van het Utrechtse Festival voor Oude Muziek). Ik heb solorecitals gegeven, voornamelijk met Bachs suites voor cello solo, op festivals in Polen en Oekraïne, en tijdens de opleiding waar ik al zes jaar barokcello doceer in Normandië (Frankrijk).
Op dit moment richt ik me voornamelijk op continuo-spel en kamermuziek. Ik maak deel uit van een fortepianotrio samen met Antoinette Lohman en Liene Stradina, dat zich vooral richt op kamermuziek die verband houdt met Den Haag rond 1800. We zijn van plan binnenkort een cd op te nemen.
Al het bovenstaande deed ik voorheen op mijn eigen instrument, wat lastig was, omdat het meer een klassieke cello is. Daardoor perfect voor mijn trio, maar voor continuo niet zozeer. Het instrument dat ik in bruikleen heb van Het Muziekinstrumentenfonds – een barokcello, vervaardigd door Guust Francois in 2008 – opent zoveel nieuwe mogelijkheden voor mij. Het maakt een enorm verschil om de continuopartij te spelen op een instrument dat speciaal voor dit doel is afgesteld. Plotseling zijn er heel veel dingen mogelijk om vanuit mijn hoofd om te zetten in muziek. Dankzij deze cello kan ik meedoen aan projecten zoals een cd-opname in Noorwegen afgelopen mei, met een cantate van Telemann. Ik ben erg blij dat ik zo’n kans heb gekregen.

