
vioolstrijkstok
Daniel Rowland

*1855 , Mirecourt †1917 , Choisy le Roy

Nicolas Auguste Eugène was de enige zoon van Nicolas Maline en Thérèse Ruffière. Zijn ouders woonden en werkten in Mirecourt, waar Nicolas Auguste in 1855 geboren werd. Als strijkstokkenmaker was zijn vader door Guillaumey Maline en vermoedelijk ook door Etienne Pajeot opgeleid en had vanaf 1840 jarenlang voor de gerenommeerde Jean Baptiste Vuillaume gewerkt. Daar had hij geleerd om het model strijkstok te maken dat Vuillaume ontwikkeld had. Toen hij voor zichzelf begon, maakte hij aanvankelijk nog vaak het Vuillaume-model, maar in de loop van de jaren zou hij meer beïnvloed raken door het werk van Dominique Peccatte.
Toen in 1848 de Franse Republiek werd uitgeroepen, moest Nicolas Maline in dienst bij het leger van Lodewijk Napoleon. Daarin was hij ongetwijfeld een verdienstelijke soldaat want in dat jaar werd hij geridderd tot Chevalier de l' Ordre National de la Legion d'Honneur. Tijdens zijn afwezigheid lag het werk in zijn atelier vrijwel stil. Na zijn diensttijd, in 1850, trouwde hij met Marie Anne Grandcolas en vijf jaar later werd hun zoon Nicolas Auguste Eugène geboren. Nicolas was inmiddels zelfstandig en had in korte tijd een eigen, bloeiend atelier opgebouwd met meerdere werknemers. Op de stempel waarmee hij zijn strijkstokken brandde, stond vanaf 1848 een verkleinde afbeelding van het Croix de la Légion d'honneur achter zijn naam.
Nicolas Auguste ging, zoals in die tijd gebruikelijk was, bij zijn vader in de leer. Net zoals zijn vader maakte hij strijkstokken nog steeds naar de school van Peccatte, maar met een iets rondere kop en hoekiger slof. In hun atelier werden niet alleen stokken van het gebruikelijke pernambuco gemaakt, maar ook van andere soorten als slangenhout, letterhout en brazilhout.
Vanaf 1870, net toen Nicolas Auguste klaar was met zijn opleiding en als volwaardig strijkstokkenmaker bij zijn vader aan de slag ging, brak er een slechte periode aan. Napoleon had de oorlog aan Duitsland verklaard, maar werd verslagen en gevangen genomen. De nederlaag had tot gevolg dat Frankrijk een, naar de mening van álle Fransen, onredelijk hoge schadevergoeding aan Duitsland moest betalen. De belastingen stegen fors en de Fransen kregen veel minder te besteden. Ook het muziekleven leed daar onder. Door het anti-Duitse sentiment in Frankrijk werd er geen muziek van enige Duitse componist meer uitgevoerd. Het eerst zo bloeiende atelier van Maline kreeg zoveel minder opdrachten dat Nicolas het werk alleen met zijn vader af kon. Pas toen de Société Nationale de Musique, opgericht om Franse muziek te bevorderen, overal concerten organiseerde profiteerde Maline weer van de oplevende muziekcultuur.De Belle Epoque die daarmee aangebroken was bracht ook voor Maline voorspoed. Het atelier herstelde zich en in zeven jaar bouwde Maline opnieuw een bloeiend bedrijf op. Er werkten weer meerdere strijkstokkenmakers, waaronder zijn oom en neef. Door hen geholpen nam Nicolas Auguste de leiding van het atelier op zich toen zijn vader in 1877 stierf.
Een jaar na de dood van zijn vader trouwde Nicolas Auguste met Marie Josephine Bernard en kreeg in 1885 een zoon, Joseph Emile, die later vioolbouwer zou worden. Tot ca 1900 ging het voorspoedig met het bedrijf, de strijkstokken die zij maakten waren van goede kwaliteit en gewild. Maar na de opkomst van enkele grote ateliers in zijn omgeving, zoals dat van de charismatische en invloedrijke Charles Nicolas Bazin, miste hij het antwoord op deze concurrentie en ging het geleidelijk bergafwaarts. Na de eeuwwisseling zag Nicolas Auguste zich zelfs genoodzaakt zijn atelier te sluiten. Hij vond een baan als strijkstokkenmaker in het atelier van Cuniot-Hury.
Maison Cuniot-Hury was een gerenommeerd bedrijf waar in 1906 zo’n 12 strijkstokkenmakers werkten. Nicolas Auguste kende Eugène Cuniot nog uit de tijd dat deze als beginnend strijkstokkenmaker bij zijn vader werkte. Cuniot gunde zijn werknemers een zekere vrijheid. Een enkeling werkte in de stijl van Bazin of Ouchard en anderen hanteerden een meer eigen model. Tot welk jaar Nicolas Auguste bij Cuniot-Hury gewerkt heeft is niet bekend, maar in 1917 hij liet zich inschrijven in Choisy le Roy bij Parijs. Bronnen vermelden dat hij daar nog strijkstokken voor zijn oom en neef maakte, maar dit kan niet worden bevestigd. Daarna ontbreekt ieder spoor van hem.
Aan de strijkstokken die Nicolas Auguste rond 1870 maakte is te zien dat hij een leerling van zijn vader was; zijn strijkstokken vertonen duidelijk overeenkomsten in stijl, maar zijn iets minder verfijnd. Uit die tijd zijn viool-strijkstokken in de Vuillaume-stijl van hem bekend en enkele cello-strijkstokken in de stijl van Peccatte. De laatste met een iets rondere kop en hoekiger slof. Dat model maakte hij tot 1875.
Na 1875 veranderde hij het model van zijn strijkstokken. Hij zag de opkomst en het succes van Charles Nicolas Bazin en liet zich daardoor zo beïnvloeden dat zijn modellen op die van Bazin gingen lijken. In deze periode zijn er nog wel enkele op Peccatte gebaseerde cello strijkstokken van hem bekend die een elegante ‘zwanenhals’ kop hebben. Zijn werk is dan van goede kwaliteit. Zijn hand is trefzeker.
Van Nicolas Auguste Eugène Maline zijn maar zeer weinig strijkstokken bekend. Strijkstokken uit zijn beste periode zijn zeer gewild. Tot aan het eind van zijn loopbaan als zelfstandige strijkstokkenmaker in Mirecourt stempelde hij zijn strijkstokken met de brandstempel van zijn vader.
De strijkstok die Het Muziekinstrumentenfonds van Nicolas Auguste Eugène Maline in de collectie heeft, maakte hij vermoedelijk halverwege zijn tweede en laatste bloeitijd.
Millant B., Raffin J.F., 2000, l`Archet: les archetiers Francais 1750-1950. Paris.
Childs P., 1986, The bow makers of the Peccatte family, New York.
Vatelot E.,1976, Les Archets Français. Nancy.
Tarisio, Cozio digitaal Archief, geraadpleegd in 2019.
Geneanet, geraadpleegd in 2019.
Archives Nationales de France, geraadpleegd in 2019.
Mesdemarches.culture.france, geraadpleegd in 2019.