‘Je moet innoveren, want als klassieke muziek versteent, betalen mensen op termijn geen geld meer voor een kaart­ je. In wezen gaat het om goed onderne­ merschap. Je moet jezelf vragen durven stellen als: wie is ons publiek? Hoe laten we jongeren aanhaken? Zijn er partners om mee samen te werken? Moeten we ons specialiseren? Wat gaat er verloren als we stoppen? Zelfs als het goed gaat zijn zulke vragen de moeite waard.’ Als beschermheer van World Press Pho­ to heeft Prins Constantijn gezien hoe technologische innovatie een revolutie kan ontketenen. Digitale disruptie, of­ wel ontwrichting, heeft het traditionele fotovak ingrijpend veranderd. ‘Niet alleen de techniek van het fotografe­ ren, maar ook het medialandschap. Er doemen nieuwe vragen op als: wat mag je wel en niet doen met digitale technieken? Wanneer is een foto nog authentiek?’ EHBO voor cultuur Radicaler nog is de ontwrichting die Prins Constantijn ziet als erevoorzitter van het Prins Claus Fonds. Het werd in 1996 opgericht als eerbetoon aan zijn vader. Het fonds werkt wereldwijd en ziet cultuur als motor van maat­ schappelijke ontwikkeling. Een van de programma’s heet Cultural Emergency Response. Prins Constantijn: ‘Het is een soort EHBO voor cultuur. Het werd opgezet nadat de Afghaanse Taliban in 2001 de Boeddha’s van Bamyan hadden opge­ blazen. Dat riep alom een gevoel van frustratie op. Met het vernietigen van erfgoed kun je bevolkingsgroepen ra­ ken in hun identiteit. In plaats van men­ sen te gijzelen, gijzel je hun cultuur. Je zag het ook toen de terreurbeweging Islamitische Staat kunstschatten ver­ nielde in Noord-Irak en Syrië, zoals de ruïnes van de oude stad Palmyra.’ Cultuurvernietiging verhinderen lukt meestal niet. ‘Maar als je snel handelt en de lokale bevolking inschakelt, kun je met weinig geld de eerste nood leni­ gen. Om een voorbeeld te geven: tij­ dens de Arabische Lente was er in Caïro een bomaanslag op een museum. Toe­ vallig gaf het Prins Claus Fonds elders in de stad net een training en konden de cursisten meteen hun nieuwgeleerde vaardigheden in praktijk brengen. Ze stabiliseerden de situatie en verhinder­ den dat er geplunderd werd.’ Toch probeert het Prins Claus Fonds ook op voorhand in te schatten waar kwetsbaar erfgoed het slachtoffer dreigt te worden. ‘Neem Jemen. Daar worden de prachtigste historische gebouwen van leem kapotgeschoten. Al voor de oorlog uitbrak, kwamen we erachter dat er geen vakmensen meer waren die de techniek beheersten om zulke gebou­ wen te herstellen. Daarom hebben we een academie opgezet en lokale men­ sen het ambacht opnieuw geleerd. Ook dat is doorgeven van cultuur.’ Constantijn Christof Frederik Aschwin Prins der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, Jonkheer van Amsberg werd op 11 oktober 1969 geboren als derde zoon van Prinses Beatrix en Prins Claus. Hij studeerde rechten in Leiden en voltooide een MBA-studie in Fontainebleau (Frankrijk). Op 17 mei 2001 trad hij in het huwelijk met Laurentien Brinkhorst. Ze hebben drie kinderen: Eloise (15), Claus-Casimir (13) en Leonore (11). Prins Constantijn is zelfstandig adviseur in bedrijfsinnovatie en mede-initiatiefnemer van Startup Fest Europe, een initiatief dat startups en investeerders bij elkaar brengt. Ook is hij Directeur Digital Technology and Macro Strategy bij Macro Advisory Partners in Londen. Daarnaast is de Prins lid van de High Level Group of Innovators, een groep van vijftien onafhankelijke leden die de Europese Commissie adviseert over het aanboren van nieuwe markten door onderzoeks- en innovatieprogramma’s. Op 1 juli 2016 werd hij voor anderhalf jaar Special Envoy van StartupDelta2020, dat van Nederland een voortrekker in digitale startups wil maken. De Prins is voorzitter van het Prins Bernhard Natuurfonds en erevoorzitter van het Prins Claus Fonds. Ook is hij beschermheer van World Press Photo, de Stichting Nederlandse Vioolconcoursen en de Stichting Nationaal Muziekinstrumenten Fonds. 7 FOTO ANP Prins Constantijn met violiste Noa Wildschut tijdens het Lustrumconcert van het Nederlands Vioolconcours in 2017. FOTO FOPPE SCHUT