Ongeveer zeven jaar geleden werd ik op een bijzondere manier de gelukkige bespeler van een unieke, honderd- zestig jaar oude Kittel-cellostrijkstok. Het ging erg snel: ik sprak af met col- lectiebeheerder Frits Schutte, omdat ik vragen had over de klank van mijn NMF-cello. De cello is prachtig, maar ik liep ergens tegenaan: ik had het gevoel dat ik wat klank betreft er op dat moment niet alles uit kon halen wat erin zat. Frits vertelde me hoeveel een strijkstok die klank kan beïnvloe- den en vertelde dat er momenteel een strijkstok van Nikolaus Kittel aanwezig was. Deze ‘mythische’ strijkstokken- maker kende ik, want ik las ooit dat Oistrakh en Heifetz met grote voor- keur een stok van Kittel bespeelden. Frits vroeg meteen of ik de stok wilde proberen en hoewel ik die dag geen cello bij me had, wist ik bij de aanblik en het oppakken direct dat dit de stok voor mij zou worden. En inderdaad, thuisgekomen hoorde en voelde ik dit meteen ook: in een enkele afstreek wist ik het zeker. Het klonk echt alsof ik meteen een andere, nog betere cello bespeelde! Mijn leraar aan de Strijkkwartet Acade- mie, Stefan Metz, vertelde me dat hij twintig jaar eerder een strijkstok gepro- beerd had die hij nooit zou vergeten. Het bleek dus precies deze stok te zijn! Nu is Kittel nog altijd een wat mythi- sche bouwer, want we weten van alles over hem, maar het is niet systematisch gedocumenteerd. Deze geniale autodidact wist ook ver na zijn dood Oistrakh en Heifetz nog te betoveren, maar over de authenticiteit van ‘zijn’ stokken was echter veel ondui- delijkheid. Allereerst omdat hij allerlei verschillende stempels gebruikte om z’n naam op de stok te zetten, maar ook omdat er in Kittels atelier bouwers waren die onder zijn naam stokken maakten. Het bleek dus tijd te worden voor een goed gedocumenteerd boek over de man en zijn werk. Dat kwam er en toevallig kende ik de initiatiefnemer van het boek. Ik werd op een dag door hem opgebeld met de vraag of de stok door hem bekeken mocht worden. Het NMF stemde ermee in en zo werd uiteindelijk deze stok een van de vier ‘voorbeeldstokken’ in dit ongelooflijk mooie boek. Werkelijk niets is onbesproken en alles is met de grootste zorg vormgegeven. Het is een schat aan informatie en achtergrond over deze Petersburgse strijkstokken- maker. Ik vind het echt prachtig dat deze stok zo’n mooie plaats inneemt in dit boek. Ik bewonder de openheid van het NMF om mij de ruimte te geven en haar stok ter beschikking te stellen voor een nog niet bestaand boek. Het NMF ging mee in het avon- tuur, stuurde aan en was ook nog eens een fantastisch klankbord voor mij. Na het boek werd de stok nog bekender en gaf ik steeds meer inleidende pre- sentaties bij mijn concerten over deze strijkstok en z’n culturele achtergrond. En hoewel er nu dus een schat aan informatie bestaat, blijft het mysterie onveranderd: wat maakt de klank zo bij- zonder? Kittel was autodidact, hoe kan het dan dat deze stok elk instrument beter laat klinken? De klank is ruimtelijk, diep en toch transparant, nieuwsgierig makend, soepel en het lijkt alsof de stok ‘aan de snaar blijft plakken’. Meer is er niet over te zeggen; het kan alleen ervaren worden. De Kittel-cellostrijkstok is in 1997 geschonken aan het NMF en afkomstig uit de beroemde ‘collectie Max Rodriguez’, bestaande uit een viertal Italiaan- se meesterinstrumenten en zestien waardevolle strijkstokken. De waarde van de stok is in twintig jaar meer dan verviervoudigd. De stok is achtereen- volgens door het NMF in bruikleen gegeven aan Jeroen Reuling, Jeroen den Herder, Hans Christiaan van Baalen en Joachim Eijlander. Recent onderzoek wijst uit dat deze stok gebouwd is door Nikolaus Kittel en in alle onderdelen origineel is. Daarmee is het een zeer zeldzame stok, reden waarom hij ook staat afgebeeld in het aan Kittel gewijde boek- werk van uitgeverij Darling Publishers (ter inzage op het NMF-kantoor). Joachim speelde lange tijd in het Rubens Quartet en is als docent verbonden aan verschillende conservatoria. Hij bespeelt de ­ Kittel-stok sinds 2009. JOACHIM EIJLANDER CELLIST 2 Zeldzame Kittel 11 FOTO JASPER JUINEN