Page 1
Page 2
Page 3
Page 4
Page 5
Page 6
Page 7
Page 8
Page 9
Page 10
Page 11
Page 12
Page 13
Page 14
Page 15
Page 16
Page 17
Page 18
Page 19
Page 20
Page 21
Page 22
Page 23
Page 24
Page 25
Page 26
Page 27
Page 28
Page 29
Page 30
Page 31
Page 32
Page 33
Page 34
Page 35
Page 36
Page 37
Page 38
Page 39
Page 40
Page 41
Page 42
Page 43
Page 44
Page 45
Page 46
Page 47
Page 48
Page 49
Page 50
Page 51
Page 52
Page 53
Page 54
Page 55
Page 56
Page 57
Page 58
Page 59
Page 60
Page 61
Page 62
Page 63
Page 64
Page 65
Page 66
Page 67
Page 68
Page 69
Page 70
Page 71
Page 72
Page 73
Page 74
Page 75
Page 76
Page 77
Page 78
Page 79
Page 80
Page 81
Page 82
Page 83
Page 84
Page 85
Page 86
Page 87
Page 88
Page 89
Page 90
Page 91
Page 92
Page 93
Page 94
Page 95
Page 96
Page 97
Page 98
Page 99
Page 100
Page 101
Page 102
Page 103
Page 104
Het is in mijn beroep nogal onhandig maar er zijn weinig dingen waar ik z bang voor ben als een podium. Zoals de meeste angsten hangt ook deze re- deloze vrees samen met gebeurtenis- sen uit mijn jeugd. Mijn vader was leraar op het Utrechts Conservatorium. Zijn leven draaide en draait nog steeds om muziek. Wij kinderen werden voortdu- rend naar concerten gesleept van wat wij moeilijke muziek noemden dat wil zeggen alles wat niet op The Beatles leek. Mijn vader was dol op Stravinsky en hield bij hoog en bij laag vol dat daar voor een zesjarig kind niets moeilijks aan was. Ook ging er geen week voorbij of we moesten naar een kamerconcert meestal bij vrienden of kennissen die hun liefde voor muziek niet noodzake- lijkerwijs combineerden met virtuoos vioolspel het was altijd net een beetje vals en bovenal ontzettend saai. Als ik eraan terugdenk voel ik mijn kaken nog verkrampen van het gapen tussen al die uiterst matig uitgevoerde andantes. Ook ons eigen huis was vaak vol musice- rende mensen van uiteenlopende aard slome baardige hippies we leefden in de jaren zeventig met gitaren pianis- ten met woest haar en een dito touch onze oude vleugel was haast niet meer te stemmen en aan sommige toetsen ontbrak het ivoor bedeesde meisjes met blokfluiten en herderinnetjesjurken strenge dames op leeftijd met cellos en die ne gekke mevrouw die altijd paar- se gewaden droeg koddig bedoelde wijsjes voor ons kinderen blies op een ocarina en vaak bij mijn moeder in de keuken stond te huilen om n of meer- dere verloren liefdes. Ook zelf ontkwam ik er natuurlijk niet aan een instrument te leren bespelen. Het was misschien niet zo heel verstan- dig om met zon lastig instrument als een viool te beginnen maar ouders zien nu eenmaal graag in hun uil een valk. Na vele maanden les van een esoterische vrouw met hese stem en witte wimpers bracht ik het nog steeds niet veel verder dan een krasserig un dun dip. Nu is het probleem van muziekjuffen dat ze te pas en te onpas een uitvoering beleggen in schimmige zaaltjes want dat is zo enig voor die kleintjes om al- vast eens op een cht podium te staan. Alle andere leerlingen ook jonger dan ik waren al vl verder en speelden aardige menuetjes en daar stond k dan op dat rotpodium met niets te bie- den behalve dat ellendige un dun dip. Ik staarde de zaal in en een roedel wel- willende ouders staarde vol verwach- ting terug. Ik begon te huilen. Als ik nou een schattig klein meisje was geweest hadden mensen het vast ontroerend gevonden maar ik was groot voor mijn leeftijd en nogal lelijk dus dat viel he- lemaal niet goed. Stel je niet zo aan zei mijn juf en tegen de zaal ze moet er gewoon doorheen. Nou ja ik spl de un dun dip zo snel mogelijk langer dan een seconde of 15 kan het niet ge- weest zijn maar zelfs die welwillende ouders waren blij dat het voorbij was. Ik ging van vioolles af en probeerde gitaar. Wr stond ik op een podium met een uiterst onbeholpen versie van Greensleeves. Wr huilen. Weg gi- taar. Dan in godsnaam maar de piano want dat kon iedern leren nietwaar Behalve ik. Halverwege zon uitvoering een houterig deuntje van Bartk stort- te ik wr in op het podium. Een vierde instrument kwam er niet van want inmiddels lagen mijn ouders in scheiding dus die hadden wel wat an- ders aan hun hoofd. En toen mijn vader eenmaal vertrokken was viel de druk om ooit nog muziek te maken heleml weg. Het was heerlijk. Ik heb nooit meer een muziekinstrument aangeraakt. En podia mijd ik nog steeds als de pest. Huilen op het podium COLUMN SYLVIA WITTEMAN 56