Page 1
Page 2
Page 3
Page 4
Page 5
Page 6
Page 7
Page 8
Page 9
Page 10
Page 11
Page 12
Page 13
Page 14
Page 15
Page 16
Page 17
Page 18
Page 19
Page 20
Page 21
Page 22
Page 23
Page 24
Page 25
Page 26
Page 27
Page 28
Page 29
Page 30
Page 31
Page 32
Page 33
Page 34
Page 35
Page 36
Page 37
Page 38
Page 39
Page 40
Page 41
Page 42
Page 43
Page 44
Page 45
Page 46
Page 47
Page 48
Page 49
Page 50
Page 51
Page 52
Page 53
Page 54
Page 55
Page 56
Page 57
Page 58
Page 59
Page 60
Page 61
Page 62
Page 63
Page 64
Page 65
Page 66
Page 67
Page 68
Page 69
Page 70
Page 71
Page 72
Page 73
Page 74
Page 75
Page 76
Page 77
Page 78
Page 79
Page 80
Page 81
Page 82
Page 83
Page 84
Page 85
Page 86
Page 87
Page 88
Page 89
Page 90
Page 91
Page 92
Page 93
Page 94
Page 95
Page 96
Page 97
Page 98
Page 99
Page 100
Page 101
Page 102
Page 103
Page 104
NMF MAGAZINE 2016 TEKST FRITS SCHUTTE Room-response en cross-communicati- on zijn een paar van de vele termen die ik aan mijn vocabulaire kan toevoegen na de gesprekken die ik heb gevoerd met twee bevlogen vakmensen Bert van der Wolf opnametechnicus en Cees Mulder akoesticus. Zij blijken inspirerende ge- sprekspartners die mij vooral doen be- seffen dat muzikaliteit intutie en gezond verstand het nog altijd winnen van techni- sche apparatuur en software als het gaat om het beoordelen en reguleren van de akoestiek van podia en zalen. Maar de echte eyeopener komt pas met het be- sef dat deze twee mensen de top binnen hun vakgebied hebben bereikt doordat ze ontzettend goed luisteren. Luisteren naar de muziek en de klank maar boven- al naar de musicus zelf. Hoe simpel kan het zijn... Klankmagir In een interview met het tijdschrift Music Emotion 2013 wordt Bert van der Wolf omschreven als klankmagir. Dat is na- tuurlijk een mooi compliment maar Bert is de eerste om dat te relativeren. Tijdens ons gesprek wordt duidelijk dat het er wat hem betreft vooral om gaat een opname niet te verprutsen. Volgens Bert gebeurt dat als je in het streven naar perfectie alle plooien probeert weg te strijken. Met de vergaande technische mogelijkheden is de verleiding groot om een soort plasti- sche chirurgie toe te passen op het ruwe origineel. Bert streeft naar een resultaat dat echt is en daarvoor is techniek slechts een hulpmiddel dat alleen moet worden ingezet als het echt iets toevoegt. Gaan- deweg ons gesprek wordt het steeds helderder voor me dat Berts kracht juist schuilt in het lef om het streven naar een bepaald resultaat los te laten. Daardoor is hij in staat open te staan voor iets bij- zonders dat zich op het moment zelf aan- dient. Hij luistert en ervaart. Wisselwerking Je zult het Bert niet snel zelf horen zeg- gen maar hij is naast opnametechnicus eigenlijk ook coach. Ik heb hem ooit mo- gen meemaken tijdens opnames voor het NMF in een kerkje in Renswoude waarbij onder meer een zeer jonge Rosanne Phi- lippens en de ervaren Pieter Wispelwey solowerken van Bach kwamen opnemen. Natuurlijk was er een bepaalde opstelling van hoogwaardige microfoons en zat Bert in een ruimte die volgestouwd was met apparatuur. Maar ik was vooral geboeid door de manier waarop hij luisterdefeed- back gaf overlegde suggesties deed en daarbij ongelooflijk goed aan kon sluiten bij de compleet verschillende musici. Er ontstond een bijzondere wisselwerking in een wederzijds respect tussen technicus en musicus en dat leidde tot een uniek eindresultaat. Bert legt me uit hoe belangrijk het is dat de musicus zich bewust wordt van de be- perkingen maar vooral ook van de mo- gelijkheden van de akoestiek van het po- dium en de zaal die hij tot zijn beschikking heeft. Als er een opnamelocatie is geko- zen vragen musici me vaak of de akoes- tiek wel goed genoeg is. Ik zeg dan altijd dat hangt ervan af hoe jij met die akoes- tiek omgaat. Musici kunnen de akoestiek van een podium en een zaal inzetten als extra instrument. Het is ontzettend be- langrijk dat ze zich daarvan bewust zijn en er ook echt gebruik van maken. En als dat lukt wordt vrijwel elk podium vanzelf ge- schikt voor een opname. Ook hier geldt dus dat ik met techniek alleen nog aan- passingen doe die strikt noodzakelijk zijn maar het basisresultaat is afhankelijk van de musicus of de musici. Structuurverf Vanwege het thema van dit artikel pro- beer ik Bert toch nog even op het pad te krijgen van de techniek. Hij vertelt over de ongelofelijk snelle ontwikkelingen op het gebied van software. Zo bestaan er al programmas die de akoestische eigenschappen van een specifieke zaal kunnen simuleren. Je zou een opname uit een geluidsstudio bij wijze van spreken dus kunnen laten klinken alsof hij in het Koninklijk Concertgebouw is gemaakt. Hij wijst ook op de trends in de geluids- opnames zoals bijvoorbeeld de extreme galm die lange tijd mode was en die nu als zeer overdreven en onnatuurlijk wordt ervaren. Bert komt opnieuw uit bij zijn in- steek om alles zo eenvoudig mogelijk te houden. Als de akoestiek van een podi- um of zaal niet in orde is komen technici Goed luisteren Bert van der Wolf OPNAMETECHNICUS en Cees Mulder AKOESTICUS Musici kunnen de akoestiek van een podium en een zaal inzetten als extra instrument. 24 NMF MAGAZINE 2016