Mijn NMF

loginForm
 

Informatie

Een cello, gebouwd door Hendrick Jacobs, waarin mede herkenbaar de hand van Pieter Rombouts, Amsterdam ca. 1690.

Details

  • Bouwplaats:Amsterdam
  • Bouwjaar:± 1690
  • Lengte corpus:74,6
  • Breedte boven:33,6
  • Breedte midden:23,9
  • Breedte onder:42,3
  • Lengte mensuur:38,8
  • Afstand ogen f-gaten:8,18

Bouwer

Hendrick Jacobs

Hendrick Jacobs kan met recht de belangrijkste vioolbouwer uit de Nederlandse geschiedenis worden genoemd. Hij had niet alleen een zeer productief atelier met verschillende werknemers, maar leidde ook een paar vioolbouwers op die zelf op hoog niveau gingen werken. Daarmee is Jacobs de nestor van de ouhollandse vioolbouw. Experts zijn het erover eens dat Jacobs Italiaanse instrumenten onder ogen moet hebben gekregen, omdat zijn instrumenten duidelijk onder invloed staan van de modellen van de Amati Familie, met name het werk van Niccoló Amati. De lak van zijn instrumenten is van zeer hoge kwaliteit. Hendrick Jacobs was mogelijk leerling van een zekere Francis Lupo. Jacobs trouwde tweemaal, beide keren met een weduwe die al een zoon uit een eerder huwelijk had, en in beide gevallen werd de stiefzoon vioolbouwer. De oudste van de twee stiefzoons is Gijsbert Verbeeck, de tweede Pieter Rombouts. Van Gijsbert Verbeeck is weinig bekend. Pieter Rombouts daarentegen bleef zijn leven lang bij Jacobs werken en zette na diens overlijden de werkplaats voort. Het vroege werk van Hendrick Jacobs vertoont grote overeenkomst met dat van Cornelis Kleynman: een duidelijke amatisé-welving, lange hoeken, sierlijke slanke f-gaten en een vrijwel goudgele lak. Helaas zijn uit deze tijd weinig instrumenten van hem bewaard gebleven. Rond 1670 worden zijn violen wat forser van opzet en vanaf ongeveer 1685 vertonen de Jacobs-instrumenten de aanwezigheid van Rombouts in de werkplaats. De drie meest opvallende tekenen hiervan zijn de vormgeving van de F-gaten, de baleinen inleg die breder wordt, en de kleur van de lak. Hendrick Jacobs heeft violen, altviolen, cello's van groot formaat en een uitstekende kwaliteit gebouwd. Bron: teksten van Fred Lindeman en Serge Stam uit het boek ‘400 jaar vioolbouwkunst in Nederland’, uitgegeven door de Nederlandse Groep van Viool- en strijkstokkenmakers (www.ngv-vioolbouw.nl)
meer informatie over de bouwer en diens instrumenten.

Historie

Het NMF kocht deze cello aan in 2011. De handelaar die de cello in consignatie had, benaderde het NMF in de wetenschap dat het behoud van cultureel erfgoed één van de doelstellingen van de stichting is. De meeste cello’s afkomstig uit het atelier van Hendrick Jacobs werden gebouwd door zijn leerling en medewerker Pieter Rombouts. Bij dit instrument is echter duidelijk te zien dat Jacobs er zelf aan gewerkt heeft. De vraag in welke mate dat het geval is geweest, leidde tot interessante discussies tussen de verschillende geraadpleegde experts. De cello is waarschijnlijk altijd in Nederland geweest. We weten in ieder geval dat hij in 1910 in Den Haag werd aangekocht door een vermogend particulier, die hem voor zijn zoon kocht. Deze moest wegens reuma al vrij vroeg stoppen met spelen. De cello bleef in de familie en werd midden jaren ‘60 opnieuw bespeeld door één van de kleinzonen van de eerste bespeler. Deze speelde er ongeveer vijftien jaar op. Vanaf 1980 is de cello door de eigenaar steeds in bruikleen gegeven aan jonge studenten, waarvan de laatste studeerde aan het conservatorium in Den Haag. Aangezien er binnen de eigen familie niemand meer cello speelde, werd in 2010 besloten tot de verkoop. Het NMF organiseerde klanktests met topmusici. Daaruit kwam naar voren dat de Jacobs excellente klankkwaliteiten heeft. Het NMF gaf de cello in bruikleen aan de jonge Harriet Krijgh, die in 2012 op de Jacobs winnaar werd van het celloconcours tijdens de Cellobiënnale in Amsterdam. Sinds 2013 wordt de cello bespeeld door Bas Jongen.

Bespeler