Mijn NMF

loginForm
 

Informatie

Een viool, gebouwd door Cornelis Kleynman in Amsterdam, ca. 1680. Model Rogeri.

Details

  • Bouwplaats:Amsterdam
  • Bouwjaar:± 1680
  • Lengte corpus:35,7
  • Breedte boven:16,7
  • Breedte midden:11
  • Breedte onder:20,65
  • Lengte mensuur:19,4
  • Afstand ogen f-gaten:3,85

Bouwer

Cornelis Kleynman

Kleynman was zoon van de pottenbakker Wessel Frerixsz, die enkele jaren na de geboorte van Cornelis kwam te overlijden. Zijn moeder hertrouwde in 1645 met Francis Franz Lupo, een rond 1582 in Londen geboren citer- instrumenten- en vioolmaker van Italiaanse afkomst die zeker al vanaf 1607 in Amsterdam woonde. Bij hun ondertrouw woonden beiden in de Wagenstraat nabij het tegenwoordige Rembrandtplein. Francis Lupo had uit een eerder huwelijk al een zoon, Pieter Fransz, geboren in 1608, die later citermaker werd en in of na 1635 overleed. Het ligt voor de hand aan te nemen dat behalve deze zoon ook Cornelis Kleynman leerling van Francis Lupo was. Van Francis Lupo, noch van zijn zoon, zijn instrumenten bekend. Het is zeer wel denkbaar dat mede dankzij Francis Lupo de Amsterdamse bouwers kennis kregen van de Italiaanse constructiewijze van de viool. Het is allerminst uitgesloten dat ook Hendrick Jacobs, leeftijdgenoot van Cornelis Kleynman, bij Lupo geleerd heeft: er is namelijk veel overeenkomst tussen het jeugdwerk van Kleynman en dat van Jacobs. De vroegste violen van Kleynman zijn bijzonder elegant en slank van patroon en tonen een duidelijke Amati-invloed. Opvallend zijn de zeer dicht bijeen geplaatste sierlijke f-gaten en de enigszins spitse welving van de bladen. De inleg in deze vroege instrumenten is smal, met in het midden een witte spaan van hout en aan weerszijden donkere spanen uit balein. Evenals bij Jacobs’ vroege werken zijn de hoeken lang en de mooie kwaliteit ongekleurde lak is goudgeel van tint. Later is er wat meer rood in de lakkleur. De krullen en de achterzijde van de schroevenkasten zijn diep uitgestoken. De smalste punt van het kopje bevindt zich niet geheel bovenaan, maar iets meer naar voren. Ook de algemene vormgeving van de krullen vertoont sterke overeenkomst met die van Hendrick Jacobs, wat aanleiding heeft gegeven tot de veronderstelling dat ze door dezelfde man zouden kunnen zijn gesneden. Van Kleynmans zoon David (1664 tot in of na 1698), die ook vioolmaker was, is geen werk bekend. Bron: 400 jaar vioolbouwkunst in Nederland
meer informatie over de bouwer en diens instrumenten.

Historie

Het NMF kocht deze oudhollandse viool (met vals Amati-etiket) in 2006 aan van een Nederlandse handelaar. Kleynman moet werk gezien hebben van zijn tijdgenoot Giovanni Battista Rogeri uit Brescia, want het model van deze viool is zonder twijfel geïnspireerd op het werk van Rogeri. De aankoop werd mogelijk dankzij de financiële steun van het Prins Bernhard Cultuurfonds en het K.F. Hein Fonds. De viool werd als eerste aan Floor Braam in bruikleen gegeven. Sinds 2009 bespeelt Johan Olof de viool.

Bespeler